Retrospective Sprint 4

KEEP
Hard werken
We hebben in deze sprint veel vertical slices afgerond. Ook hebben we samen als groep gewerkt met een third-party cookie API. Ik denk dat we deze goede samenwerking moeten voortzetten in de volgende sprint.
Goede communicatie
Ons team communiceert snel in de groepschat. Als iemand een vraag heeft, krijgt hij of zij meestal snel een antwoord. Dit zorgt ervoor dat we efficiënt kunnen doorwerken zonder lange wachttijden.
Hulpzaam
Als iemand vastloopt, zijn mijn teamgenoten altijd bereid om te helpen. Dit maakt het makkelijker om problemen snel op te lossen en zorgt voor een goede teamsfeer.
LESS
Minder afwezigheid binnen het team
Momenteel is er wekelijks minimaal één teamlid afwezig. Dit beïnvloedt de continuïteit en samenwerking. We willen werken aan meer structurele aanwezigheid en duidelijke communicatie bij afwezigheid.
Minder snel afgeleid raken tijdens opdrachten
Tijdens gezamenlijke opdrachten zoals retrospectives raken we vaak afgeleid door andere taken, zoals het opstellen van het sprintdoel. Dit verlaagt onze efficiëntie. We willen meer focus houden op één taak tegelijk en duidelijke afrondmomenten hanteren.
Minder last-minute fixes vlak voor de demo
Door het ontbreken van duidelijke deadlines en het te laat verifiëren van user stories, ontstaan er last-minute aanpassingen die vaak te laat komen voor de demo. We willen onze plannings- en reviewmomenten verbeteren om dit te voorkomen.
MORE
Meer inzicht geven in wie waarmee bezig is
We willen duidelijkheid hebben over wie waarmee bezig is. Zo voorkomen we dat meerdere mensen onbewust aan dezelfde taak werken of dat belangrijke onderdelen blijven liggen. Meer transparantie zorgt voor betere samenwerking en minder misverstanden.
Online vergaderingen
Online vergaderingen maken het makkelijker om snel met elkaar te overleggen, vragen te stellen of hulp te krijgen wanneer iemand ergens op vastloopt. Ze zorgen ervoor dat we beter bereikbaar zijn voor elkaar, ook als we op afstand werken.
Logisch taken verdelen
We willen taken op een logische en duidelijke manier verdelen, zodat iedereen weet wat van hem of haar verwacht wordt. Dit helpt om de voortgang te bewaken en ervoor te zorgen dat alles op tijd af is voor de sprint review.
Vaker committen om mergeconflicten te voorkomen
Door regelmatig kleine stukjes code te committen en te pushen, verkleinen we de kans op mergeconflicten. Dit maakt samenwerken aan dezelfde codebase soepeler en bespaart tijd bij het mergen.
Betere stand-ups houden
We willen actievere stand-ups houden waarin iedereen kort en duidelijk deelt wat ze gedaan hebben, wat ze gaan doen en waar ze tegenaan lopen. Door dit ook beter te documenteren, houden we overzicht en kunnen we makkelijker opvolgen wat is besproken.
START
Beginnen met gebruikerstesten/code testen
We stellen het starten met gebruikerstesten en code testen vaak uit tot (te) laat in het proces. Hierdoor missen we waardevolle feedback, ontdekken we bugs pas op het laatste moment en lopen we risico op vertraging. Door testen eerder in het proces te integreren – zowel met gebruikers als technisch – kunnen we sneller bijsturen, fouten eerder opsporen en uiteindelijk betere kwaliteit leveren.
SMART-doel:
Vanaf sprint 5 starten we met het testen van elke afgeronde user story binnen 1 werkdag, waarbij minimaal 80% van alle stories technische of gebruikerstests hebben vóór het eind van de sprint.
Beginnen met feedback geven
We wachten vaak te lang met het geven van feedback op elkaars werk. Hierdoor blijven verbeterpunten liggen, worden fouten later pas gezien en voelen teamleden zich soms onzeker over de richting. Door feedback eerder en regelmatiger te geven, versterken we de samenwerking, verhogen we de kwaliteit en zorgen we voor meer vertrouwen binnen het team.
SMART-doel:
In sprint 5 zorgen we ervoor dat iedereen minimaal twee keer per week feedback geeft op elkaars werk (code, design of user stories), en we verwerken dit binnen 48 uur.
STOP
Planning uitstellen
We merken dat er regelmatig wordt gewacht met het oppakken of afronden van code, taken en ontwerpen. Dit uitstelgedrag leidt tot stress op het laatste moment, minder tijd voor kwaliteit en minder ruimte voor feedback.
Taken tegelijkertijd doen
We merken dat we vaak te veel tegelijk willen doen: we pakken meerdere taken tegelijk op of werken tegelijkertijd in dezelfde bestanden. Dit leidt tot afleiding, conflicten in de code en minder focus op kwaliteit. Door beter te plannen, duidelijke taakverdeling te maken en elkaar af te stemmen, kunnen we efficiënter samenwerken en problemen voorkomen.
SMART-doel:
In sprint 5 werken we volgens het principe: maximaal 1 actieve taak per teamlid tegelijk in Jira. We checken dit dagelijks tijdens de stand-up en voorkomen gelijktijdige wijzigingen in dezelfde bestanden via pair programming of taakverdeling.
Stoppen met uitstellen
We merken dat we vaak taken uitstellen én tegelijk te veel hooi op onze vork nemen. Daardoor raken we het overzicht kwijt, ontstaan er conflicten in de code en stapelt werk zich op richting de deadline. Door heldere taakverdeling, betere afstemming en eerder starten met taken, kunnen we rust en structuur brengen in ons proces en de kwaliteit verhogen.
SMART-doelen overzicht
-
Last-minute fixes verminderen:
We willen het aantal last-minute fixes richting de demo sterk verminderen. Dit doen we door aan het begin van elke sprint duidelijke deadlines te koppelen aan de belangrijkste user stories, en wekelijks gezamenlijke reviewmomenten te houden. Zo houden we grip op de voortgang, voorkomen we stress en zorgen we ervoor dat belangrijke onderdelen tijdig afgerond en gecontroleerd zijn. -
Eerder testen:
Vanaf sprint 5 willen we het testen van onze code en functionaliteiten eerder in het proces opnemen. Elke afgeronde user story moet binnen dezelfde week getest worden – zowel technisch als met gebruikers waar mogelijk. Op deze manier kunnen we sneller bijsturen, fouten vroegtijdig opsporen en voorkomen we dat belangrijke issues pas aan het einde van de sprint opduiken. -
Regelmatige feedback:
We willen dat feedback geven een vaste plek krijgt in ons proces. Daarom spreken we af dat ieder teamlid per sprint minimaal twee keer feedback geeft op het werk van elk ander teamlid. Deze feedback wordt vervolgens vóór het einde van de sprint verwerkt. Zo vergroten we de samenwerking, zorgen we voor constante verbetering en versterken we het vertrouwen binnen het team.---
FEEDBACK
Timi
- Simon: Je bent heel behulpzaam, maar focus meer op zaken buiten de code, zoals het BPMN-diagram.
- Yassmina: Je bent heel actief bezig, eerder om hulp vragen
- Rayan: Niet snel afgeleid, maar je kon wat eerder beginnen aan je functies
Simon
- Timi: Je werkt hard en bent behulpzaam, maar je kan soms beter opletten en luisteren
- Rayan: Je begrijpt de engine heel goed, maar je kan wat vaker met ons samenwerken
- Yassmina: Je weet veel van code en helpt anderen goed, maar probeer niet te veel tegelijk te doen om stress te voorkomen
Rayan
- Simon: Je bent lief en reageert snel in de groepschat, maar probeer je code beter te structureren
- Timi: Je brengt een leuke sfeer en bent actief, maar je raakt soms snel afgeleid
- Yassmina: Je hebt je werk op tijd af en vraagt hulp wanneer nodig, maar bent snel afgeleid
Yassmina
- Simon: Je bent actief en brengt veel energie, maar let op typefouten in je code
- Rayan: Je bent altijd aanwezig en actief, maar besteed wat meer tijd aan de theorie van de code
- Timi: Je werkt hard en neemt initiatief, maar vraag soms sneller om hulp
STORY POINTS
- Yassmina: 12 storypoints
- Rayan: 27 storypoints
- Simon: 26 storypoints
- Timi: 22 storypoints